Inleiding

Al die jaren dat we nieuwsbrieven maakten was ik verantwoordelijk voor de filosofische beschouwingen, zonder daarbij expliciet mijn naam te noemen. Dat vond ik niet gepast omdat we ook niet de namen noemden van degenen die verantwoordelijk zijn voor al die overige activiteiten die op Ecolonie plaats vinden. Waarom ik dat nu wel doe, vindt zijn reden in het feit dat de informatie die ik hieronder ga geven in deze filosofische beschouwingen, nog niet eerder besproken is in de gemeenschap. Zowel intern als extern kan het beschouwd worden als studiemateriaal, zijnde een inleiding - meer dan een impressie is het niet - op de eerder genoemde boeken van Bruno Latour, die hieronder besproken worden. Intern vooral om de toekomst van Ecolonie inhoud te geven.

De aanleiding: vorig jaar hielden wij op Forge Neuve een Great Gathering. Belangstellenden hebben daarover kunnen lezen in de nieuwsbrieven van vorig jaar. Een van de onderwerpen die daar toen aan de orde kwam, was het idee om ‘de universele rechten van de natuurwezens’ op papier vorm te geven. Eind vorig jaar wees in dat verband een van de workshopleiders er ons op, dat de Franse filosoof en wetenschapsantropoloog Bruno Latour (1947) schrijft over ‘het parlement der dingen.’ Die omschrijving ging nog een stapje verder. Nieuwsgierig makend. Ik kende het werk van Latour niet en schafte twee van zijn laatst verschenen boeken aan: ‘Oog in oog met Gaia’ -, acht lezingen over het Nieuwe Klimaatregime en ‘Waar kunnen we landen? Politieke oriëntatie in het Nieuwe Klimaatregime’ (beiden van uitg. Octava).

Ik begon met ’Waar kunnen we landen? de dunste met 132 blz. Een mooie inleiding op het werk van. Latour, die op 24 november vorig jaar virtueel de Spinozalensprijs in ontvangst had genomen – de geboortedag van Spinoza – ‘uit handen van’ de burgemeester van A’dam, Femke Halsema. Met grote verbazing en opwinding heb ik bovengenoemde boeken gelezen. Met verbazing omdat ik zijn werk niet kende, terwijl hij zo verwant is aan de boeken van bijvoorbeeld Peter Sloterdijk, waarvan de inhoud en de essentie, deel uitmaakt van onze visie. Met opwinding omdat hij als geen ander in zijn analyses de vingers op de zere plekken weet te leggen, op een wijze waar je in de praktijk iets aan hebt. We weten allemaal dat er sprake is van een gigantische milieucatastrofe, met die constatering schaart hij zich in de rij van veel wetenschappers en anderen, maar wat zijn analyses zo bijzonder maakt is dat hij antwoorden tracht te vinden op de vraag waarom aan de oplossing niets of relatief nauwelijks iets werd en wordt gedaan door de mensheid, terwijl aan de signalering van de problematiek (denk aan de Club van Rome) sinds 1970 zo ontzettend veel aandacht is gegeven. Het is fascinerend om zijn betoog te volgen om uiteindelijk tot de conclusie te komen dat een begin van een antwoord op bovengestelde vraag, te vinden is door het onderscheid te maken tussen Aardbewoners en Mensen. In het kort gezegd: Aardbewoners willen landen, Mensen niet. Aardbewoners willen deel zijn van het Nieuwe Klimaatregime, Mensen niet. Die analyse laat precies zien wat wij hebben meegemaakt aan tegenkrachten bij de ontwikkeling van Ecolonie, zijnde ‘een landingsplaats’ en hij beschrijft precies waarom dat het geval is. Het onderscheid dat hij bijvoorbeeld maakt tussen Aardbewoners en Mensen is van cruciaal belang, en geeft onder andere antwoord op de vraag waarom er zo weinig veelzijdige woon- en werkgemeenschappen ontstaan, terwijl de wens van velen om dat wel te willen, onevenredig veel groter is. Later ga ik op deze vraagstelling nader in. Eerst wil ik Bruno Latour verder introduceren. Dat doe ik door te citeren uit beschrijvingen over hem, n.a.v. de Spinozalensprijs. Vanzelfsprekend kun je ook je licht opsteken op internet.

Over Bruno Latour zijn filosofie – een korte schets

“Dat de natuur een eigen stem heeft die in onze democratie gehoord moet worden, is een van de meest vernieuwende gedachtes van Latour. Het leidt tot een andere omgang met planten, dieren en alles wat niet-mens is. Daarnaast heeft Latour al begin jaren negentig het thema duurzaamheid op de agenda gezet. Filosofie is voor Latour denken in interactie. Hij verlaat de ivoren toren van de academie en engageert zich met de ervaring. Daardoor heeft zijn denken een enorme impact; niet alleen op de technologie, maar ook op andere vakgebieden zoals de antropologie, de onderwijskunde en de kunst(geschiedenis en -theorie). Het moge duidelijk zijn, ook zijn de analyses zo herkenbaar voor ons in de praktijk! Latour spreekt zich regelmatig uit over de actualiteit, of het nu om de klimaatcrisis, Covid-19 of de internationale politiek gaat. In zijn boek Waar kunnen we landen? verwoordt hij zijn constructivisme als volgt: ‘waarheid is pas waar als die als waarheid kan functioneren, dat is hard werken!’ Bruno Latour is een van de eersten die technologie als maatschappelijke factor is gaan interpreteren. Technologie is volgens hem niet neutraal, ze is altijd ingebed in morele, sociale en culturele structuren. Daarmee is ze een volwaardig onderdeel van de maatschappij. Niet alleen gebruikers zijn volgens Latour verantwoordelijk voor de techniek die ze kiezen, ook bedenkers en makers dragen verantwoordelijkheid.”

Laat ik verdergaan met mijn eigen leeservaringen over de inhoud van Latour zijn twee eerder genoemde boeken. Allereerst uit het boekje Waar kunnen we landen? In de maart nieuwsbrief bespreek ik zijn boek ‘Oog in oog met Gaia’. Ik beperk me nu tot een aantal citaten, die beschouwd kunnen worden als een korte impressie om daarmee je uit te nodigen om zelf het boekje (132 blz.) te gaan lezen. De inhoud van onderstaande eerste, uitgebreide citaten beschouw ik als de basis van zijn verdere filosofische beschouwingen.

Waar kunnen we landen? – Politieke oriëntatie in het Nieuwe Klimaatregime

Nadat Latour drie historische gebeurtenissen schetst, Trumps verkiezing, de Brexit, de hervatting, uitbreiding en toename van de migrantenstromen, zegt hij over deze drie verschijnselen dat “het stuk voor stuk aspecten van dezelfde metamorfose zijn: het begrip bodem als zodanig is van karakter aan het veranderen. De gedroomde bodem van de mondialisering begint weg te zakken. Dat is het werkelijk nieuwe aan wat omfloerst de ‘migratiecrisis’ wordt genoemd. En juist doordat elk van ons begint te beseffen hoe de bodem onder zijn voeten aan het wegzakken is, grijpt de angst om zich heen. We ontdekken, op een voorlopig nog duistere, onduidelijke manier, dat we allemaal aan het migreren zijn naar territoria, die we moeten herontdekken of herbezetten. Dit alles vanwege een vierde historische gebeurtenis, het klimaatakkoord in Parijs (12 december 2015), waarvan de ondertekenaars zich ontzet realiseerden, dat voor de uitvoering daarvan ettelijke planeten nodig zijn, terwijl we er maar een hebben.” Hij stelt dan ook “dat elk van ons staat voor de volgende vraag: blijven we dromen van ontsnapping of komen we in beweging om een territorium te vinden dat wij en onze kinderen kunnen bewonen? Ofwel we ontkennen het bestaan van het probleem, ofwel we zoeken een plaats om te landen. Dat is wat ons van nu af aan allemaal verdeelt, veel meer dan de vraag of we links of rechts zijn. Behalve met de migranten van buitenaf, die grenzen moeten passeren en hun land moeten verlaten, wat vaak gepaard gaat met immense tragedies, hebben we voortaan ook rekening te houden met de migranten van binnenuit, die ter plaatse blijven en het drama ondergaan, dat ze door hun land worden verlaten. Wat het zo moeilijk maakt de migratiecrisis te begrijpen, is dat die het symptoom is, in meer of minder hartverscheurende gradaties, van een beproeving die voor iedereen geldt: de beproeving dat je van land bent beroofd.”

Bovenstaand citaat vormt, zoals genoemd, een van de belangrijkste uitgangspunten van Latour zijn analyse in dit boek. We zitten met elkaar in hetzelfde schuitje, we hebben geen grond meer onder de voeten! We zijn ontaard. Hij zegt daarover: ‘Het enige bemoedigende element van de huidige situatie is dat een andere vector (richting bepalende grootheid – hj) gaandeweg aan realisme begint te winnen. De vector Modern/Aards zou een geloofwaardig, doorleefd, zinnig alternatief kunnen vormen voor de nog altijd acute links-rechts tegenstelling. Voordat ik hem verder citeer is het van belang te weten dat Latour onderscheid maakt tussen Globalisering plus en Globalisering min en tussen Lokaal plus en Lokaal min. Globalisering min en Lokaal min noemt hij samen met het Bodemloze min ‘drie nieuwe tegenstanders ‘drie utopieën, in de etymologische zin van het woord, om plaatsen zonder topos, zonder land en zonder bodem. Maar die tegenstanders zijn ook de enige potentiële bondgenoten. Zij moeten worden overtuigd en omgeturnd.’ [van min naar plus]. ‘Onrechtmatig is dat je ontworteld bent, niet dat je ergens toe wilt behoren. Aan een bodem toebehoren, willen blijven waar je bent, willen blijven zorgen voor een lap grond, er aan gehecht raken, is alleen maar ‘reactionair’ geworden, dat zagen we al, vanuit het contrast met de door de modernisering opgelegde vlucht naar voren. Als we stoppen met vluchten, hoe ziet het verlangen naar gehechtheid, er dan uit? De onderhandeling - de verbroedering? - tussen aanhangers van het Lokale en aanhangers van het aardse moet gaan over het belang, de legitimiteit en zelfs noodzaak van het toebehoren aan een bodem, maar - en daar ligt de hele moeilijkheid – zonder dat dat meteen wordt verward met wat een Lokale min eraan heeft toegevoegd: etnische homogeniteit, cultus van het patrimonium, historicisme, nostalgie, inauthentieke authenticiteit. Integendeel: onderhandelen over het landen op een bodem is door en door vernieuwend, hedendaags, subtiel, technisch en kunstmatig (in de goede zin van het woord), het heeft niets rustieks en landelijks, het is door en door creatief en eigentijds.’We moeten de terugkeer van de aarde niet verwarren met een ‘terugkeer naar landelijkheid, en al helemaal niet met een beroep op de ‘aarde die niet liegt’. Blut und Boden onzaliger nagedachtenis. [...]’

‘Dit onderscheid tussen het Lokale en de nieuw gevormde bodem is des te belangrijker omdat de plaatsen waar de verschillende typen migranten (wij allemaal – hj) zullen komen te wonen nog van de grond af moeten worden opgebouwd. Terwijl het Lokale is gemaakt om zich te differentiëren door zich af te sluiten, is het Aardse gemaakt om zich te differentiëren door zich open te stellen. [...] Het Aardse is namelijk gehecht aan de aarde en aan de bodem, maar is ook werelds, in die zin dat het zich niet houdt aan enigerlei grens, dat het alle identiteiten te buiten gaat. [alsof Latour het heeft over een landingsplek als de onze, Ecolonie).

Het heeft geen zin de moeilijkheden te ontkennen – de strijd zal hard zijn. De tijd die we hebben verloren met het op- en aflopen van de oude links-rechts vector heeft de vereiste mobilisaties en onderhandelingen vertraagd.’ [...] Het bewijs dat de ecologie als beweging er niet in is geslaagd die prominente politieke actor, het aardse, nauwkeurig te definiëren, is dat ze de mensen niet heeft weten te mobiliseren op een schaal die strookt met de uitdagingen.’ Latour citeert in dit verband Karl Polanyi’s boek The Great Transformation, die het daarin heeft over de grote onbeweeglijkheid van de politiek. ‘Overigens dat boek dateert al uit 1944 en laat dus zien hoe 70 jaar lang de krachten van de ecologische bewegingen nooit werkelijk zijn geïntegreerd in het bewustzijn van een potentieel breed electoraat, waarvan je zou wensen dat deze de doelstellingen van tenminste de linkse c.q. progressieve politieke partijen omarmen’schrijft Latour. Zelfs nu het water letterlijk en figuurlijk ons aan de lippen staat, komt daar nauwelijks beweging in, zo blijkt uit opiniepeilingen halverwege februari 2021.

Latour stelt zich de vraag: ‘waarom heeft de sociale beweging zich niet van meet af aan meester gemaakt van ecologische uitdagingen, alsof het haar eigen uitdagingen waren, waarmee ze had voorkomen dat ze achterhaald was geraakt en waarmee ze de nog zwakke ecologische beweging een duw in de rug had kunnen geven? [...] In plaats van die revoltes te laten samensmelten, hebben we niets anders gedaan dan vrijwel volledig machteloos toekijken bij de Grote Acceleratie, de neergang van het communisme, de triomf van de mondialisering min, het steriel worden van het socialisme, om uit te komen bij de laatste clownerie, de verkiezing van Donald Trump! In afwachting van andere rampen, die we bevend tegemoet zien.’ (toen Latour dit schreef was er nog geen sprake van de covid-19 pandemie - hj) Ecologie is niet de naam van een partij, niet eens iets waar je bezorgd over zou moeten zijn; het is een oproep om van richting te veranderen: ‘Naar het Aardse.’

Vervolgens diept Latour het antwoord uit op de vraag: ‘Hoe valt te verklaren dat het stokje van de collectieve verontwaardiging niet is overgenomen?’ En komt dan o.a. op de vaststelling ‘dat het misschien tijd is geworden dat we het niet meer over mensen hebben maar over aardbewoners, waarmee we de nadruk leggen op de humus, en ja, de compost in de etymologie van het woord ‘mens’(aardbewoner heeft het bijkomende voordeel dat geslacht en soort in het midden worden gelaten…). De uitspraak ‘wij zijn aardbewoners te midden van aardbewoners’ leidt absoluut niet tot dezelfde politiek als de uitspraak ‘wij zijn mensen in de natuur.’ De twee zijn niet uit hetzelfde hout gesneden – of liever gezegd uit dezelfde klei gekneed.’

Ik heb de neiging om met nog meer citaten te komen, zo enthousiast ben ik over de inhoud, de analyses, de nieuwe taal. Ik zou het boekje over willen typen om geen minuut te verliezen om de inhoud door te geven. Gelukkig is het te koop. Het enige wat ik kan aanraden, wanneer bovenstaande informatie op zijn zachts gezegd je belangstelling heeft gewekt en misschien optimaal je ziel heeft geraakt, om dit boekje aan te schaffen. Het te beschouwen als een inleiding op bijvoorbeeld de acht lezingen van Latour, gebundeld in het boek ‘Oog in oog met Gaia’.

Wij gaan hier op Ecolonie met de inzichten van Latour aan de slag. We beschouwen deze niet als iets geheel nieuw, maar als een bevestiging van de weg die we al sinds 1998 gegaan waren. Hoofd, handen en hart voegen zich als het ware definitief samen tot een geheel; als een schitterend perspectief. En juist dat perspectief willen we gaan uitwerken. Niet alleen voor ons zelf hier op deze plaats, maar we gunnen ook anderen landingsplekken die er toe doen. Het plan daarvoor staat als concept beschreven in de brief die we deze maand hebben gestuurd aan Bruno Latour. Je kunt deze brief in het Nederlands hier lezen.

 

Kennis-Inspiratie week

Daar laten we het niet bij. We starten met een KENNIS-INSPIRATIE WEEK met als titel, ontleend aan het hierboven genoemde boek: ‘Waar wil jij landen?‘ De inhoud van deze week is er op gericht om niet alleen een begin van een antwoord te vinden op deze vraag, maar ook op een aantal andere vragen, die wij je stellen, maar vooral verwachten dat jij jezelf die zal stellen, zoals: Waarom wil je landen? Wat is je visie daarop? Hoe ziet je landingsplek er uit? Wil je dat alleen of samen met anderen? Wat wil je er gaan doen? Beschouw je jezelf als een pionier of ondersteun je liever de pionier?

We willen in deze unieke week onze kennis aan je overdragen, maar dat is geen vrijblijvende zaak. Om het anders te zeggen: we werken niet meer mee aan een situatie waarin jij voor een dubbeltje op de eerste rang gaat zitten. We stellen een aantal voorwaarden, te weten:

  • vanzelfsprekend een redelijke financiële vergoeding (zie elders);
  • dat je minimaal het bovengenoemde boekje van Latour leest (en het liefst meer van zijn werk);
  • dat je ons essay uit 2011 ‘Ecolonie/Forge Neuve in de toekomst.’ leest. Dit essay van 90 blz. bevat alle praktische informatie die je nodig hebt, samen met het bovengenoemde boekje, om je een beeld te vormen wat je te wachten staat als je samen met anderen een landingsplek wilt vormgeven. Een landingsplek die voldoet aan de criteria zoals omschreven in de brief aan Latour, maar ook zoals hij dat zelf zegt een plek is die veelzijdig is en open naar de wereld.

Voor minder doen we het niet. We willen op deze wijze een nieuwe avant-garde ondersteunen en hen op weg helpen. Voor alle duidelijkheid: het gaat ons om het creëren van Gaia Collectieven. Het woord Ecodorp is wat ons betreft achterhaald, a-politiek en ontbeert een brede visie op hetgeen ons te doen staat. Ook wij hebben dat woord gebruikt bij gebrek aan een definitieve samenhangende visie zoals Latour die ons nu aanreikt.

Wil je meer over deze week weten, de data, het programma de kosten – lees dan hier verder

Wil je over het bovenstaande met mij corresponderen dan nodig ik je daartoe graag uit. Mijn e-mail adres is: henkjan@ecolonie.eu

Tenslotte nog de mededeling dat ik in de nieuwsbrief van maart een soortgelijke impressie zal geven als bovenstaande, van het andere boek van Latour, zijnde: ‘Oog in oog met Gaia.’ – acht lezingen over het Nieuwe Klimaatregime. Daarin zal veel meer naar voren komen wat zijn beschouwingen te betekenen hebben voor de praktijk. In de nieuwsbrief van april zullen we een en ander samenvatten en enige conclusies trekken.

Henkjan de Blaauw