Geologisch gezien ligt de streek rond Darney in “la Vôge”. Dit is het gebied tussen de bergen van de hoge Vogezen in het oosten en de vlaktes van “La Plaine” in het noorden. Het landschap is glooiend heuvelachtig en kenmerkt zich door de afwisseling van bossen en open vlaktes met vaak weidse vergezichten. Daar doorheen verweven zijn de pittoreske dorpjes die nog getuigen van een rijke historie en vrijwel geen toerisme kennen. U kunt er nog wandelen zonder iemand tegen te komen.

Centraal gelegen in West-Europa is de streek vanuit Nederland makkelijk te bereiken in één dag met de auto of trein.

De natuur

Het hart van de streek wordt gevormd door het bosgebied van Darney. Het is één van de grootste loofbossen van Frankrijk (12.000 hectare). Delen ervan hebben tot de verbeelding sprekende namen als “Druïdenvallei” en “Wolvenvallei”. Er groeien o.a. vele soorten mossen (teken van de zuivere lucht) en diverse soorten orchideeën, waarvan er enkele zeldzaam zijn. Verder is het een thuis voor vossen, herten, wilde zwijnen, dassen en zelfs weer de lynx. In de herfst zijn er vele soorten paddestoelen te vinden. Lees meer over de flora en fauna.

De belangrijkste kenmerken op een rij

  • glooiend heuvellandschap dat open en ruimtelijk aanvoelt
  • (wandel)hoogtes variëren tussen de 250 en 500 meter soms met pittige hellingen
  • prachtige bossen en weidse vergezichten
  • natuur met een diversiteit aan flora en fauna (waarvan een aantal zeldzame soorten)
  • oude en historierijke streek
  • schone en zuivere lucht
  • rust en ruimte het is er nog echt stil en ’s nachts is het echt donker (met de prachtige sterrenhemel duidelijk zichtbaar!)
  • mild landklimaat met overwegend rustig droog weer
  • veel natuurlijke bronnen

Geschiedenis en cultuur

De streek heeft een rijke geschiedenis die terug gaat tot ver voor de jaartelling. 1000 jaar voor Christus woonden er de Kelten. Vanaf 57 voor Christus waren de Romeinen de baas en dat duurde tot 325 na Christus. Vanaf die tijd is het gebied onderworpen geweest aan vele invasies en veroveringen van verschillende stammen, hertogen en keizers. In 1790 werd officieel het departement Vogezen opgericht met de grenzen zoals die vandaag de dag nog zijn.

In de latere geschiedenis heeft de streek te maken gehad met drie grote oorlogen:

  • de Duits-Franse oorlog van 1870-1871 met Duitse annexatie
  • 1e Wereldoorlog
  • 2e Wereldoorlog

Bijna ieder dorp heeft zijn eigen monumenten voor de gevallenen. Tot op de dag van vandaag worden deze monumenten goed onderhouden en worden de gevallenen herdacht.

Het hout, het ijzer en het glas

Door de aanwezigheid van veel bos en water, ontwikkelde zich in deze streek een rijke industrie van glasblazerijen en smederijen. De grote bloeiperiode was in het tweede deel van de 19e eeuw en het eerste deel van de 20e eeuw. Van deze tijd zijn nog veel restanten zichtbaar onder andere in de plaatsjes La Hutte, Hennezel, Clairey, Forge Neuve en Darney.

In Clairey is een mooi streekmuseum genaamd “Du verre, du fer et du bois”. Hier kunt u verder kennismaken met de geschiedenis van de streek.

Het water

Het gebied is rijk aan natuurlijke bronnen. Sinds heel lang speelt dit element een bepalende rol in de ontwikkeling van het departement. Een voorbeeld hiervan zijn de thermaalbaden. Sommige zijn al in de Romeinse tijd gebouwd. Drie van de vier thermaalbaden van het departement liggen in deze streek: Vittel, Contrexéville en Bains les Bains.

Verder hebben veel dorpen een eigen bron met een fontein op het plein. Daar haalde men vroeger het drinkwater. Vaak is er ook een overdekte wasplaats.

De grote rivieren de Saône en Madon ontspringen hier. Verder lopen het Canal des Vosges en de rivier de Ourche door de streek. Deze laatste stroomt door een prachtige vallei met daarin gelegen erg karakteristieke gehuchten als la Forge Neuve en Droiteval.

U treft hier ook veel stuwmeertjes en vijvers aan. Deze zijn aangelegd voor de waterkracht en het koelwater voor de smederijen en glasblazerijen.
De streek ligt op de europese waterscheidingslijn: ten oosten hiervan stromen de rivieren naar de Noordzee (bijvoorbeeld de Maas die ongeveer 50 km. westelijker ontspringt). Ten westen stromen de rivieren naar de Middellandse Zee, bijvoorbeeld de Saône.